Veiligheid

Gronding Waddenzee leidt tot ontzegging vaarbevoegdheid

Afgelopen mei strandde een coaster op een bankje boven het Oude Inschot. Weinig schade, maar toch vond het Tuchtcollege het incident reden voor een stevige maatregel. Een les voor iedereen die het gebied bevaart.

Het woei stevig, maar niet heel hard: 4 tot 5 uit het noorden. En het was opkomend tij, dus het stroomde wel heel hard naar binnen, op het moment dat de kruiplijncoaster Confidence (ruim 81 meter, 1141 ton laadvermogen) uit zee de Vliestroom op draaide, met bestemming Leeuwarden. De kapitein was hier wel eens eerder geweest, maar niet vaak. Omdat hij een ontheffing van de loodsplicht had, stuurde hij zelf.

Dat ging goed tot bij de BS2, waar de hoofdgeul nauwer wordt. Veel schippers varen daar al naast de hoofdgeul: via het iets ondiepere Pannengat, waar de stroom wat minder is. Want elke schipper die het gebied kent weet: ter hoogte van de BS2 moet je gaan opsturen, de Blauwe Slenk in, want de stroom zet je anders te veel naar het zuiden weg. Dat kreeg de kapitein van de Confidence echter te laat in de gaten. Het gevolg was dat hij het schip niet tijdig op koers kreeg, dwars over de scheidingston van de Blauwe Slenk met het Inschot heenknalde, en iets ten zuiden daarvan aan de grond liep, net onder de BS3A, die het bankje markeert dat tussen de Blauwe Slenk en het Oude Inschot een steil oplopende ondiepte vormt.

De kapitein aan het woord

De kapitein verklaart zelf als volgt: […] ”Toen we het VTS gebied verlieten om de Blauwe Slenk in te gaan, ging het mis. Ondanks de waarschuwing van de VTS, die dacht dat we rechtdoor gingen, in plaats van de Blauwe Slenk in te gaan, konden we het schip niet op koers houden. De onverwachtse sterke stroming in combinatie met wind zien wij als reden voor het verlijeren en we gingen meer rechtdoor. Wij werden rechtstreeks naar de scheidingston gedreven, die ik nog probeerde te ontwijken door extra op te sturen. Achter de boei langsgaan leek mij geen optie vanwege de geringe waterstand met kans op stranden. Dat is uiteindelijk wel gebeurd. Nog meer opsturen leek ook niet verstandig vanwege de tegemoetkomende (snelvarende) Doeksen ferry. Achteraf had dit misschien nog wel gekund, maar het ging zo snel dat een aanvaring met de boei onvermijdelijk werd. Om ongeveer 08:45 raakten wij de boei aan stuurboord op ongeveer 1/3 van het achterschip. De boei schuurde langs de zij van het schip en schoot toen onder het achterschip. Waarna een flinke knal volgde. Vervolgens zagen we de boei achter het schip. Meteen gaf de autozeepiloot alarm en raakten wij uit koers. Nadat overgegaan is op handsturen probeerde ik nog in de geul te komen, maar een stranding was niet meer te voorkomen.”

Het bleek dat het stuurboordroer beschadigd was door de confrontatie met de boei, maar niet zodanig dat het schip, nadat het weer was losgekomen, niet zelfstandig naar Harlingen kon varen. De kapitein ontkent overigens niet dat hij schuldig is aan de gronding, maar vindt wel dat hij alles heeft gedaan wat in zijn vermogen lag om die te voorkomen.

De Inspectie aan het woord

De inspecteur die het voorval ter zitting bracht, denkt daar anders over: ”De Waddenzee is […] Natura 2000-gebied […]. De Waddenzee staat ook op de Unesco-werelderfgoedlijst. Het is dus een kwetsbaar gebied waar voorzichtigheid in de navigatie geboden is. […] The Netherlands Coast Pilot […] geeft op bladzijde 225 een aantal waarschuwingen over de getijstromen in dit gebied, onder meer dat de getijstromen niet met een absolute zekerheid voorspeld kunnen worden. En dat in een gebied met banken, de getijstroom door de geulen stroomt, evenwijdig aan de banken. Nadat het water voldoende gestegen is, kruist de getijstroom de banken. In de Waddenzee is het stroompatroon complex.

De Inspecteur voegt eraan toe dat de kapitein weliswaar een tijdelijke ontheffing heeft van de loodsplicht voor kleine zeeschepen, maar dat hij te weinig ervaring in het gebied heeft om daar zonder loods te varen. De kapitein heeft kennelijk te licht gedacht over de omstandigheden; goed zeemanschap, inhoudende een betere bestudering van de Pilot, en de beslissing om toch maar een loods te nemen, had de gronding kunnen voorkomen.

Het Tuchtcollege aan het woord

Het tuchtcollege volgt de overwegingen van de Inspecteur, en legt de kapitein een voorwaardelijke ontzegging van de vaarbevoegdheid op van vier weken. Een maatregel die als volgt wordt gemotiveerd:  […] ”De Waddenzee is een kwetsbaar natuurgebied met een complex stroompatroon. Bij het veranderen van koers naar de Blauwe Slenk heeft betrokkene onvoldoende geanticipeerd op de sterke stroming (sterk opkomend tij) en de noordelijke wind (4 tot 5 Bft). Daardoor is het schip uit haar koers geraakt, over scheidingston BS3/IN2 gevaren en vervolgens aan de grond gelopen. […]

Mede vanwege dat complexe stroompatroon, de natuurlijke obstakels en de hogere verkeersintensiteit had hij voorzorgsmaatregelen moeten treffen bij de gang door dit vaargebied. De voorzichtigheid gebood dat hij gebruik maakte van een loods met kennis van het vaargebied, de ondieptes ervan en gevaren door de sterke stroming in combinatie met de wind. Een loods weet ook welke andere (vaste) watergebruikers er in het gebied varen, zoals in dit geval de ferry. Uit de stukken blijkt dat die snel varende ferry het schip tegemoetkwam. Aangenomen mag worden dat, wanneer betrokkene een loods zou hebben ingeschakeld, de bewegingen beter zouden zijn gemonitord/afgestemd, waarmee de kans op het (door de sterke stroming in combinatie met de wind) uit koers raken en vervolgens gronden van het schip zou zijn verkleind.”

Waarom dit artikel geplaatst?
De Zeepost heeft de chartervaart als belangrijkste doelgroep. De reden waarom we dit artikel plaatsen, is dan ook minder de overweging van het Tuchtcollege over het wel of niet nemen van een loods – want een loodsplicht geldt hier alleen voor de grotere tall-ships – als wel het nadrukkelijke meewegen van de kwetsbare natuur van de Waddenzee (Unesco-werelderfgoed) bij de beoordeling van de stranding en de opgelegde maatregel.
Het gegeven dat de stranding plaatsvond in een kwetsbaar natuurgebied maakt kennelijk een andere beoordeling mogelijk dan wanneer die natuur minder kwetsbaar zou zijn.
Even afgezien van de vraag of het zeelandschap niet overal kwetsbaar is, is dat een behartigenswaardige overweging voor elke schipper en kapitein die beroepshalve de Waddenzee bevaart.

Bron: Tuchtcollege voor de Scheepvaart.
Beeld: de Confidence (Hubach Maritime Shipping).