Infrastructuur

Minister Tieman hint op noodwet voor infrastructuur

Volgens demissionair minister van Infrastructuur en Waterstaat Robert Tieman is wellicht een crisis- en herstelwet nodig om vitale infrastructuur op tijd op orde te krijgen. RWS probeert met stug doorwerken de negatieve spiraal te doorbreken.

Nederland staat voor de grootste onderhouds- en vervangingsopgave aan infrastructuur ooit. Bruggen, sluizen en wegen naderen het einde van hun technische levensduur, terwijl procedures, personeelstekorten en regelgeving de uitvoering steeds verder onder druk zetten. Volgens minister Tieman vormt dat geen tijdelijk probleem, maar een structureel risico voor economie, logistiek en veiligheid.

Rijkswaterstaat werkt momenteel aan een onderhoudsopgave van circa 41 miljard euro tot 2038. Daar komt volgens berekeningen van de Algemene Rekenkamer nog eens 34,5 miljard euro bovenop. “Zelfs met maximale efficiëntie kan ik dat gat niet dichten”, stelt Tieman in het interview. Structureel extra middelen zijn volgens hem onvermijdelijk.

Procedures botsen met urgentie

Naast geld vormt vooral de juridische complexiteit een knelpunt. Grote infrastructurele projecten lopen vast in langdurige vergunningstrajecten, Europese aanbestedingsregels en natuurwetgeving. Als voorbeeld noemt Tieman de verbreding van de A2, waar aanvullende ecologische maatregelen vanwege vleermuizen tot aanzienlijke meerkosten leidden. Geld dat daardoor niet meer beschikbaar is voor andere projecten.

Volgens de minister vergt afwijken van bestaande regels bestuurlijke moed, maar brengt dat tegelijkertijd juridische risico’s met zich mee. De huidige balans tussen zorgvuldigheid en uitvoerbaarheid staat daarmee onder spanning.

Crisiswet als mogelijk instrument

In dat licht sluit Tieman niet uit dat een crisis- en herstelwet-achtig instrumentarium nodig kan zijn voor infrastructuur, vergelijkbaar met wat momenteel voor Defensie wordt voorbereid. Met name voor militaire mobiliteit – zoals het geschikt maken van bruggen voor zwaar militair transport – is tijd volgens hem een kritische factor. “Er kan geen tank over een brug rijden als Rijkswaterstaat nog in een procedure zit”, aldus de minister. Tegelijkertijd benadrukt hij dat het invoeren van een dergelijke wet jaren voorbereiding vergt en politiek gevoelig ligt. De inzet van een crisis- of herstelwet laat hij nadrukkelijk over aan een volgend kabinet.

Stug doorwerken

Voor Rijkswaterstaat staan er dit jaar een aantal grote projecten op de rol. COO Louis Schouwstra: ‘We zijn projecten aan het voorbereiden, waar we nog geen geld voor hebben’. Terwijl eind vorig jaar de noodklok werd geluid door directeur-generaal Martin Wijnen in het rapport Staat van de Infrastructuur, zijn er ook werkzaamheden die gewoon doorgaan. En Rijkswaterstaat werkt niet alleen stug door, maar plant ook stug door.
‘Als het geld er niet komt, gaan een heleboel projecten die nu in de voorbereiding zijn, gewoon niet door,’  vertelt Schouwstra. Het is logisch dat Rijkswaterstaat voorbereidt, betoogt de COO. ‘De urgentie is groot. We moeten door. We kunnen niet wachten op het geld.’

De brakke staat van de infrastructuur leidt tot storingen. En hoewel die storingen recent zijn afgenomen, is het een doorn in het oog van Schouwstra. ‘Die kosten tijd, maar ook mankracht en geld. Terwijl we al voor een hele opgave staan. We komen niet toe aan het oplossen van de echte problemen. We moeten uit die negatieve spiraal.’

Bron: artikelen van Steffen Broeders en RWS in de Schuttevaer 
Foto: RWS.